Regels voor het aflossen van schulden

Er zijn regels voor het aflossen van schulden. Uw inkomen bepaalt hoeveel ruimte u heeft om af te kunnen lossen. Uw gezinsinkomen bepaalt dan het bedrag dat uw schuldeiser maximaal kan incasseren. Dit kan door beslaglegging of vrijwillige terugbetaling. De gemeente helpt u hierbij.

Schulden die u moet aflossen gaan af van uw gezinsinkomen. Schuldeisers mogen maximaal 10% van dit inkomen incasseren. De 90% die overblijft, heet de beslagvrije voet.

Vraag schuldhulpverlening aan

Voorbeeld

U heeft een schuld bij een postorderbedrijf. Deze schuld is in handen gegeven van een deurwaarder. De deurwaarder legt beslag op uw uitkering. De gemeente kijkt dan of er al beslag is gelegd en of u al schulden aan het aflossen bent. Is dit niet het geval? Dan wordt maandelijks een bedrag van maximaal 10% van de voor u geldende norm naar de deurwaarder overgemaakt.

Als een 2e schuldeiser zich meldt met een beslag, moet die wachten tot het 1e beslag is opgeheven. U lost dus nooit meer dan 10% van uw norm af.

Tref nooit zelf een regeling maar doe dit in overleg met uw consulent. Treft u wel zelf een regeling met een schuldeiser? Dan gaat die regeling ten koste van uw beslagvrije voet. Het kan dat u dan minder dan 90% van uw norm overhoudt. Als u gezinsinkomen hoger is dan de beslagvrije voet, dan:

  1. kan de gemeente een hogere schuldaflossing aan u vragen
  2. kan een deurwaarder beslag leggen op het inkomen boven de beslagvrije voet 

Contact

Heeft u nog vragen? Dan kunt u contact opnemen met SZW.

    Gepubliceerd: 18 mei 2018Laatste wijziging: 25 september 2018