Regels bij een bijstandsuitkering

Als u een bijstandsuitkering krijgt, gelden bepaalde regels. Houdt u zich hier niet aan? Dan kan de gemeente uw uitkering stoppen of verlagen.

Met een bijstandsuitkering moet u er alles aan doen om zo snel mogelijk (weer) aan het werk te gaan. De gemeente helpt u hierbij. De gemeente verwacht van u het volgende:

Naar werk zoeken

Met de gemeente spreekt u af hoe u op zoek gaat naar werk. U maakt samen afspraken. Bijvoorbeeld over hoeveel keer per week u solliciteert en op wat voor soort vacatures u gaat reageren.

Houdt u zich niet aan de gemaakte afspraken? Dan kan de gemeente een maatregel opleggen zoals een verlaging van uw uitkering.

Actief meedoen

Heeft een medewerker van de gemeente u aangemeld voor een training, workshop of andere activiteit? Dan bent u verplicht hier op tijd te zijn en actief mee te doen. U mag dus niet zonder geldige reden afbellen en u moet zich voldoende inzetten.

Daarnaast verwacht de gemeente dat u zich actief inzet voor de maatschappij als u niet kunt werken. Bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk te doen.

Naar afspraken gaan

U bent verplicht naar de afspraken van de gemeente te gaan. Kunt u echt niet komen? Neem dan contact op met de Klantenservice SZW. Afzeggen van de afspraak kan alleen als u daar een geldige reden voor heeft.

Uw werk of uitkering behouden

U moet zorgen dat u uw inkomsten behoudt. Voorkom dat u door uw eigen schuld wordt ontslagen. Of dat u een andere uitkering dan de bijstand niet meer krijgt omdat u zich niet aan de regels heeft gehouden.

Geen agressie

U mag niet agressief zijn tegen een medewerker van de gemeente. Agressief gedrag is onder andere uitschelden, discrimineren, bedreigen of het gebruiken van lichamelijk geweld.

Voldoende Nederlands beheersen

Het is makkelijker om werk te vinden als u het Nederlands goed beheerst. De overheid wil dat iedereen met een bijstandsuitkering het Nederlands voldoende kan verstaan, lezen, spreken en schrijven. Voldoende is het niveau van het einde van de basisschool of hoger. Dit staat in de Wet taaleis. Is uw Nederlands onvoldoende? Dan maakt de gemeente afspraken met u over het verbeteren van uw taalniveau.

Veranderingen op tijd doorgeven

Als er iets in uw situatie verandert, moet u dit direct melden via het wijzigingsformulier.
Bijvoorbeeld:

  • u krijgt naast uw uitkering nog andere inkomsten
  • u gaat verhuizen
  • u gaat samenwonen
  • uw medebewoner/meerderjarige kind start of stopt met een studie. Of wijzigt van studie.

    Volledige en juiste informatie geven

    U moet volledige en juiste informatie geven over uw persoonlijke situatie, inkomen en vermogen. Anders pleegt u fraude. Voorbeelden van fraude zijn:

    • U meldt niet dat u werkt of u heeft meer inkomen dan u heeft opgegeven.
    • U meldt niet dat u samenwoont.
    • U geeft onjuiste gegevens door.
    • U meldt niet dat u een erfenis heeft gekregen.
    • U meldt niet dat u een prijs heeft gewonnen met een waarde van meer dan € 6.295 (voor alleenstaanden) of € 12.590 (als u samenwoont met een partner).

    Maatregelen bij fraude

    Maatregelen die de gemeente kan nemen bij fraude:

    • De gemeente stopt uw uitkering.
    • U moet alles terugbetalen wat u teveel heeft gekregen.*
    • U krijgt tijdelijk een lagere uitkering of u moet extra terugbetalen.
    • De gemeente doet aangifte van een strafbaar feit bij het Openbaar Ministerie.

    Bent u het niet eens met een opgelegde maatregel? Dan kunt u een verzoek tot herziening van een maatregel indienen.

    * Gemeentelijke regels over terugvordering, aflossing en kwijtschelding door de gemeente van te veel verstrekte bijstandsuitkering, vindt u in de Beleidsregels Terugvordering, aflossing en kwijtschelding Den Haag 2014 (RIS272690).

    Veelgestelde vragen

    • Uw huisgenoten kunnen invloed hebben op de hoogte van uw uitkering. Woont u samen met een partner of echtgenoot? Dan vraagt u samen een bijstandsuitkering aan. U moet dan allebei uw gegevens invullen bij de aanvraag.
    • De kostendelersnorm betekent dat als u samenwoont met meer volwassenen, de gemeente uw bijstandsuitkering daarop aanpast. Hoe meer volwassen personen in uw huis wonen, hoe lager uw uitkering. Niet alle huisgenoten tellen mee voor de kostendelersnorm.

      De reden voor de kostendelersnorm is dat u lagere woonkosten heeft als er meer personen in uw woning wonen. U kunt deze kosten namelijk delen.

    • Woont u samen of is er sprake van een gezamenlijke huishouding? Dan kan de gemeente u voor de bijstand gelijkstellen aan gehuwden. U heeft dan samen recht op een bijstandsuitkering voor gehuwden.
    • Een jongere vanaf 18 jaar kan zelf recht hebben op een algemene bijstandsuitkering. Dit geldt ook voor jongeren die bij hun ouders inwonen. Voor thuis- en uitwonende jongeren van 18 tot 21 jaar geldt een lagere algemene bijstandsnorm. Dit is de jongerennorm.
    • U heeft recht op een algemene bijstandsuitkering als u voldoet aan de voorwaarden. En niet genoeg inkomen of vermogen heeft om in uw levensonderhoud te voorzien. En ook niet in aanmerking komt voor een andere voorziening of uitkering.
    • De gemeente kijkt of u niet meer financieel vermogen heeft dan de grens die de bijstand daaraan stelt. Heeft u teveel vermogen? Dan heeft u (nog) geen recht op bijstand. Een voorbeeld van vermogen is spaargeld. De gemeente berekent het vermogen aan de hand van de bankgegevens van u en uw gezin. van uw schulden en eventuele waardevolle bezittingen. Heeft u schulden waarvan u kunt bewijzen dat u ze moet terugbetalen? Dan trekt de gemeente die schulden van uw vermogen af. Daardoor is uw vermogen lager. Dit geldt niet voor studieschulden of schulden die u later mag terugbetalen, zoals schulden aan familie.

      Heeft u meer vermogen dan maximaal is toegestaan om nog bijstand te krijgen (de wettelijke grens)? Dan kunt u hiermee in uw levensonderhoud voorzien. U heeft geen recht op bijstand totdat u dit meerdere vermogen daaraan heeft besteed. Het bedrag dat u maximaal aan vermogen mag hebben hangt af van uw leefsituatie.

    • Een eigen huis is een onderdeel van uw vermogen. De gemeente beoordeelt in een aparte vermogenstoets hoeveel vermogen er in uw woning zit. En kijkt hierbij naar de overwaarde van uw huis. Dit is de huidige waarde van uw huis min de nog niet afgeloste hypotheek. Daarnaast telt ook de waarde van een 2e woning of vakantie (in Nederland of in het buitenland) mee voor het vaststellen van uw vermogen.

    Contact

    Heeft u vragen? Dan kunt u contact opnemen met SZW.

    Gerelateerde informatie

    Regels bij een bijstandsuitkering (PDF, 2,1 MB)
    Denkt u dat iemand onterecht een uitkering krijgt? Meld bijstandsfraude bij de gemeente.

    Gepubliceerd: 24 maart 2021Laatste wijziging: 16 april 2021