
Gepubliceerd: 11 augustus 2009 Laatste wijziging: 18 mei 2011
De gemeente heeft maatregelen beschreven om uw woning te isoleren. Hiermee kunt u beoordelen wat er nodig is om geluidsoverlast in uw woning te verminderen.
De gemeente gebruikt de lijst met maatregelen ook om te bepalen hoeveel subsidie iemand kan krijgen om de woning te isoleren.
Deze ramen kunt u over het algemeen aan de binnenkant van de bestaande ramen plaatsen. Voorzetramen zijn zeer isolerend. Ze kunnen vast of draaibaar worden aangebracht.
In ruimtes waar geen voorzetramen kunnen worden aangebracht, is dubbel glas nodig. Dubbel glas kan soms meteen in het kozijn geplaatst worden. Maar meestal moet het glas in een nieuw raam worden gezet, omdat het bestaande raam niet de goede afmetingen heeft. Vaak moet dan ook het kozijn worden aangepast.
Het komt voor dat in gehorige ruimtes panelen aanwezig zijn. Bijvoorbeeld in erkers of in deuren. Bij de beoordeling van de huidige geluidsisolatie telt u panelen mee als glas.
Kieren tussen (de draaiende delen van) deuren en ramen moeten dichtgemaakt worden. Dit kan met een ‘kierdichtingprofiel’. Dit is een rubberen indrukbare afsluitingsstrip. De strip moet gelast worden in de hoeken van het raamkozijn of de deurpost.
Naden tussen kozijnen en de gevel moeten dichtgemaakt worden. Waar kozijn en gevel op elkaar aansluiten, wordt aan de binnenkant elastisch blijvende kit aangebracht. Zo worden de ramen luchtdicht. Als de naden te diep zijn en kit alleen niet genoeg is, dan is er ook een rugvulling nodig.
Bij het monteren van de ramen moet veel aandacht besteed worden aan het hangwerk. Dit moet zorgvuldig gedaan worden om te voorkomen dat er toch kieren blijven bestaan of dat het kozijn kromtrekt. Ook hebt u 2 sluitingen nodig.
Alle ruimtes moeten worden geventileerd. Er zijn twee manieren: natuurlijke ventilatie en mechanische ventilatie. Voor natuurlijke ventilatie is een suskast nodig. Deze kan bovenin het kozijn worden geplaatst, of met een dubbele bovendorpel achter het kozijn.
Voor mechanische ventilatie wordt een mechanische kast tegen de borstwering of tussen of naast de kozijnen geplaatst. De verse lucht komt via een gat met een rooster door de gevel en een elektrische ventilator pompt het de ruimte in.
U kunt subsidie krijgen om daken te isoleren als daar verblijfsruimtes achter zitten. Het gaat om schuine delen van de daken, dakkapellen (kozijnen, zijkanten en het platte deel) en dakramen.
Afhankelijk van de bekleding van het dakbeschot, moet deze geïsoleerd worden met isolatiemateriaal en een dubbele gipsplaat.
Voor de kozijnen van een dakkapel geldt hetzelfde als bij de andere kozijnen. De zijkanten van de dakkapel moeten worden verzwaard om lawaai buiten te houden. Soms moet ook het plafond van de dakkapel worden geïsoleerd met isolatiemateriaal en een dubbele gipsplaat.
Als er enkel glas in de dakramen zit, dan moeten dat worden vervangen door dubbel glas.
Het is mogelijk dat u een bouwvergunning nodig heeft om wijzigingen aan de buitenkant van de gevel aan te brengen. Woont u in een monument of een pand met een beeldbepalend karakter voor de stad, dan kan Monumentenzorg voorwaarden stellen. Meer informatie hierover kunt u krijgen in uw stadsdeelkantoor.
Altijd op de hoogte blijven van Den Haag en de ontwikkelingen in de stad? Meld u aan voor een van de nieuwsbrieven.
Of volg ons op Twitter of Facebook!