
Gepubliceerd: 09 februari 2012 Laatste wijziging: 14 februari 2012
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag:
Besluit de beleidsregels gemeentelijk minima beleid (BSW/2008.695) in te trekken per 31-12-2011 en de volgende beleidsregels minimavoorzieningen 2012 vast te stellen:
Beleidregels minimavoorzieningen Den Haag 2012
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a) college: het college van burgemeester en wethouders;
b) wet: de Wet werk en bijstand;
c) langdurigheidstoeslag: de toeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de wet;
d) verordening: de Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Den Haag;
e) bijstandsnorm: de op grond van paragraaf 3.2 van de wet, op de belanghebbende van toepassing zijnde norm, vermeerderd of verminderd met de op grond van paragraaf 3.3 van de wet, door het college vastgestelde verhoging of verlaging.
f) oudere: als oudere wordt aangemerkt de belanghebbende vanaf de eerste van de maand waarin hij 65 jaar wordt;
g) student: de belanghebbende die een toelage ingevolge de WSF 2000 ontvangt en die in Den Haag woonachtig is, of bij een Haagse onderwijsinstelling staat ingeschreven;
h) kind: een in Den Haag woonachtig kind waarvoor door een ouder kinderbijslag wordt ontvangen;
i) alleenstaande: de alleenstaande zoals bedoeld in artikel 4 van de wet
j) alleenstaande ouder: de alleenstaande ouder zoals bedoeld in artikel 4 van de wet
k) gezin: het gezin zoals bedoeld in artikel 4 van de wet
l) WSF 2000: Wet Studiefinanciering;
m) ooievaarspas: persoonsgebonden pas die recht geeft op korting bij aangesloten
n) instellingen ten behoeve van participatie op het gebied van sport en cultuur.
Artikel 2 Berekening inkomensgrens minimavoorzieningen
Voor de berekening van het recht op een minimavoorziening wordt gebruik gemaakt van de van toepassing zijnde bijstandsnorm voor de alleenstaande, alleenstaande ouder met zijn ten laste komende kinderen of gezin zoals gesteld in artikel 1, aanhef en onderdeel i, j en k.
Artikel 3 Inkomstenvrijlating voor minimavoorzieningen
Lid 1. Inkomsten die worden vrijgelaten ingevolge de Wet werk en bijstand, worden niet in aanmerking genomen.
Lid 2. Voor de belanghebbende die aan een traject van schuldbemiddeling of schuldsanering deelneemt via een erkend schuldhulpverlener geldt, dat voor het recht op minimavoorzieningen het inkomen gedurende het traject gelijkgesteld wordt met het wettelijk sociaal minimum.
Artikel 4 Uitsluitingen recht langdurigheidstoeslag en andere minimavoorzieningen
Lid 1. Niet aan de voorwaarden voor langdurigheidstoeslag en voor andere minimavoorzieningen voldoet de belanghebbende die: over vermogen beschikt dat hoger is dan het vermogen zoals bedoeld in artikel 34 van de wet. Voor de bepaling van de waarde van de woning is de waardebepaling in de laatste beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken leidend.
Lid 2. De vreemdeling die geen rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 10 van de Vreemdelingenwet, kan geen aanspraak maken op toekenning van voorzieningen. Hiervan kan worden afgeweken indien de aanspraak betrekking heeft op het onderwijs voor minderjarigen.
Lid 3. Studenten op HBO of academisch niveau zoals bedoeld in artikel 1 aanhef en onderdeel g van de Beleidsregels minimavoorzieningen Den Haag 2012
Artikel 5 Voorwaarden ooievaarspas
Lid 1. Recht op een ooievaarspas heeft de belanghebbende die in Den Haag woonachtig is en een gezinsinkomen heeft dat niet hoger is dan 130 % van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, én de thuiswonende kinderen.
Lid 2. De pas is gratis voor kinderen tot 18 jaar en ouderen vanaf 65 jaar. Pashouders vanaf 18 tot 65 jaar betalen een bijdrage van € 12,50 per jaar.
Artikel 6 Schoolfonds
Lid 1. Er kunnen voorzieningen worden verstrekt voor een kind op de basisschool, voor een kind in de brugklas, voor een kind in het voortgezet onderwijs en in het middelbaar beroepsonderwijs (MBO-BOL).
Lid 2. Er is recht op een voorziening uit het schoolfonds als het gezinsinkomen lager is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm.
Artikel 7 Zorgverzekering
Lid 1. Een belanghebbende heeft recht op deelname aan de collectieve zorgverzekering van Iza-Cura Den Haag of Azivo Den Haag en op een voorziening van het college hierbij als het gezinsinkomen lager is dan 110 % van de van toepassing zijnde bijstandsnorm.
Lid 2. Een belanghebbende kan deelnemen aan de collectieve zorgverzekering van Iza-Cura Ooievaar of Azivo als zijn gezinsinkomen boven de 110% ligt van de van toepassing zijnde bijstandsnorm.
Artikel 8 Tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten
Een belanghebbende heeft recht op een tegemoetkoming voor chronisch zieken en gehandicapten als het gezinsinkomen lager is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm én als belanghebbende een AWBZ-indicatie van het CIZ heeft, of een WMO indicatie.
Artikel 9 Normen
Lid 1. Het college stelt periodiek de normen en de te verstrekken periodes voor de minimavoorzieningen vast.
Lid 2. Het eerste lid geldt niet voor de vaststelling van de langdurigheidstoeslag.
Artikel 10 Aanvraagprocedure
Lid 1. Een minimavoorziening wordt éénmaal per kalenderjaar toegekend.
Lid 2. Een minimavoorziening kan voor het lopende schooljaar, het lopende kalenderjaar en voor het volgende schooljaar en het volgende kalenderjaar worden toegekend.
Lid 3. Aanvragen om voorzieningen op basis van de beleidsregels gemeentelijk minimabeleid dienen uiterlijk op 31 december van het lopende jaar te zijn ontvangen. Latere aanvragen worden niet meer in behandeling genomen.
Lid 4. Het derde lid geldt niet voor de langdurigheidstoeslag
Artikel 11 Verstrekking van de voorziening
Een verstrekking kan in natura en in geld plaatsvinden.
Artikel 12 Onvoorziene omstandigheden
Het college beslist in gevallen waarin deze beleidsregels niet voorzien.
Artikel 13 Terugvordering
Verstrekkingen die ten onrechte dan wel tot een te hoog bedrag zijn uitgekeerd, kunnen van de belanghebbende worden teruggevorderd.
Artikel 14 Overgangsrecht
Aanvragen om voorzieningen, die op basis van de beleidsregels gemeentelijk minimabeleid 2011 zijn ingediend en waarover bij de inwerkingtreding van beleidsregels minimavoorzieningen 2012 nog niet is beslist, worden geacht op basis van de beleidsregels gemeentelijk minima beleid 2011 te zijn ingediend. Deze aanvragen dienen vóór 1 januari 2012 te zijn ontvangen. Latere aanvragen worden niet meer in behandeling genomen. Op bezwaarschriften gericht tegen een beschikking op een aanvraag krachtens de oude beleidsregels gemeentelijk minima beleid wordt beslist op grond van deze beleidsregels.
Artikel 15 Inwerking treden
Deze regels worden per 1 januari 2012 van kracht.
Artikel 16 Citeertitel
Deze regels kunnen worden aangehaald als Beleidregels minimavoorzieningen Den Haag 2012.
Toelichting
Artikel 2
Door als inkomensgrens een percentage van de van toepassing zijnde bijstandsnorm te nemen wordt er aangesloten bij de in de wet gehanteerde definities met betrekking tot inkomensgrenzen voor voorzieningen
Artikel 3
Het inkomen waar iemand redelijkerwijs over kan beschikken is hierbij van belang. Iemand die aan een traject schuldhulpverlening deelneemt, kan slechts redelijkerwijs beschikken over een inkomen op bijstandsniveau en komt daarom in aanmerking voor minimavoorzieningen. Aangezien er wel zicht is op inkomensverbetering na afloop van het traject geldt dit niet voor de langdurigheidstoeslag.
Artikel 4
Belanghebbenden met een vermogen boven de bijstandsgrens zijn uitgesloten van de minimavoorzieningen. Voor de bepaling van de waarde van de overwaarde in de woning wordt uitgegaan
van de laatste WOZ-beschikking.
Vreemdelingen zonder rechtmatige verblijfstitel zijn wettelijk van voorzieningen uitgesloten, maar voor kinderen kan vanwege het recht op onderwijs een uitzondering worden gemaakt.
Omdat studenten aan HBO en WO instellingen een eigen pas krijgen met vergelijkbare voorzieningen, is een Ooievaarspas niet meer mogelijk. MBO studenten hebben geen recht op de studentenpas, en kunnen daarom een Ooievaarspas blijven aanvragen waarbij dezelfde voorwaarden gelden met betrekking tot betaling zoals gesteld in lid 2.
Artikel 5
De ooievaarspas is primair een participatie-instrument waarbij het meedoen op het gebied van cultuur en sport centraal staat.
Artikel 6
Voor kinderen die een MBO-BBL opleiding volgen is het niet mogelijk om schoolkosten aan te vragen. Deze groep studenten ontvangt immers salaris en/of een studiekostenvergoeding van hun werkgever.
Artikel 7
Met een inkomen tot 110 % kan gebruik worden gemaakt van de collectieve verzekering van Iza-Cura of Azivo Den Haag waaraan de gemeente bijdraagt. Boven 110% kunnen Hagenaars een aanbod krijgen waarvoor geen gemeentelijke bijdrage wordt verstrekt.
Artikel 9
Behoudens de langdurigheidstoeslag die door de raad wordt vastgesteld, stelt het college de hoogte van de minimavoorzieningen en de periodes waarover deze verstrekt worden vast.
Bijlage 1
| Overzicht van de voorzieningen | Overzicht van de voorzieningen | |
|---|---|---|
| Tot 110% inkomensgrondslag | 110%-130% inkomensgrondslag | |
| LDT | Alleenstaand € 360 Alleenstaande ouder € 470, Gezin € 600 | - - |
| Schoolkostenfonds | Basisschool € 50 Voortgezet onderwijs € 150 Brugklas € 300 | - - |
| Scholensubsidie | Basisschool € 50 Voortgezet onderwijs € 125 Per kind met een pas | Basisschool € 50 Voortgezet onderwijs € 125 Per kind met een pas Vanaf schooljaar 2012-2013 geen verstrekking meer mogelijk |
| Ooievaarspas | Eigen bijdrage € 12,50 voor pashouders van 18 tot en met 64 jaar | 2012: Eigen bijdrage € 12,50 voor pashouders van 18 t/m 64 jaar. Vanaf 2013 geen verstrekking meer. |
| Collectieve ziektekostenverzekering | € 204 per premieplichtige verzekerde en afgekocht eigen risico | - - |
| Tegemoetkoming Chronisch zieken en gehandicapten | €125 per verstrekking |
9-12-2011
Altijd op de hoogte blijven van Den Haag en de ontwikkelingen in de stad? Meld u aan voor een van de nieuwsbrieven.
Of volg ons op Twitter of Facebook!