Persbericht

Stadsbestuur verscherpt aanpak van risicovol en verward gedrag

Gepubliceerd: 15 december 2021Laatste wijziging: 15 december 2021

Het stadsbestuur heeft vandaag (woensdag 15 december) de onderzoeksrapporten actief openbaar gemaakt die door GGD Haaglanden zijn opgesteld naar aanleiding van het steekincident op 29 november 2019 (‘Black Friday’) op de Grote Marktstraat. Bij dit incident raakten 3 minderjarigen gewond. De dader is vorig jaar veroordeeld tot 1 jaar cel en tbs met dwangverpleging.

    GGD Haaglanden is de toezichthouder op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Het stadsbestuur heeft GGD Haaglanden in december 2019 gevraagd om het steekincident op de Grote Marktstraat te onderzoeken. De dader van het steekincident was in september 2019 overgeplaatst vanuit een klinische setting bij Parnassia naar een plek voor kortdurende opvang bij de Kessler Stichting aan de Zamenhofstraat, gefinancierd door de gemeente vanuit de Wmo.

    GGD Haaglanden heeft als toezichthouder 2 onderzoeken uitgevoerd; een naar de opvang door de Kessler Stichting en een naar de ketensamenwerking tussen de verschillende instanties ten tijde van het incident. In hun reactie trekken burgemeester en wethouders het zich aan, dat een aantal zaken niet goed is gegaan, onder meer bij de plaatsing vanuit Parnassia (via het Daklozenloket) naar de Kessler Stichting, en bij de kortdurende opvang zelf. De reactie van het stadsbestuur gaat gepaard met een aantal verbetermaatregelen, waarvan een deel inmiddels al enige tijd wordt uitgevoerd, mede naar aanleiding van eerdere ervaringen met personen met verward of onbegrepen gedrag.

    Ernstige psychische aandoening (EPA)

    “De overgangsmomenten in de keten zijn kwetsbaar en nopen tot concretere afspraken”, aldus het college in zijn reactie.

    Daarbij doelt het op patiënten met een ernstige psychische aandoening (EPA) die na een klinische opname in de GGZ (geestelijke gezondheidszorg) overgaan naar een zelfstandige woning, een instelling voor beschermd wonen of een plek in een instelling voor maatschappelijke opvang. Beschermd wonen is een regeling voor iedereen die niet meer zelfstandig kan wonen door psychische en/of psychosociale problemen. Maatschappelijke opvang is noodopvang of kortdurende opvang en begeleiding voor mensen of gezinnen die dak- of thuisloos zijn.

    Inmiddels zijn nieuwe afspraken vastgelegd over informatiedeling tussen gemeente, Parnassia en de aanbieders van maatschappelijke opvang (Kessler Stichting en Leger des Heils). Andere verbetermaatregelen liggen op het gebied van de GGZ-wijkteams (tijdige risico-inschatting begint in de wijk) en het Daklozenloket (aangescherpte werkwijze en vergroting van kennis en expertise bij de medewerkers).

    Extra kopzorgen gemeenten

    Gemeenten hebben er extra kopzorgen bij door de verschuiving van intramurale naar ambulante GGZ. Bij die door het Rijk ingezette ontwikkeling verblijven EPA-patiënten zo min mogelijk binnen de muren van GGZ-instellingen en worden zo veel mogelijk onderdeel van de ‘gewone’ samenleving. Aanbieders van maatschappelijke opvang en ondersteuning krijgen hierdoor te maken met een complexere doelgroep met een hoger veiligheidsrisico dan voorheen. Dat vereist extra expertise en complete informatie over (het verleden van) de betreffende cliënt. Dat is wat ook de Kessler Stichting heeft ervaren rond de opvang van wat uiteindelijk de dader werd van het steekincident van 2019.

    Tegelijkertijd heeft de Rijksoverheid voor deze extra druk op de Wet maatschappelijke ondersteuning geen extra geld aan gemeenten beschikbaar gesteld.

    “Het college doet wat het kan om desondanks goede ondersteuning en zorg te blijven bieden en de maatschappelijke veiligheid te waarborgen”, aldus het stadsbestuur in reactie op de rapporten van de Wmo-toezichthouder.

    Zo maakt het voor twee jaar een half miljoen euro extra vrij voor de begeleiding binnen de 24 uurs-opvang van mensen met een ernstige psychische aandoening die probleemgedrag vertonen en een hoger risicoprofiel hebben.

    “Wij staan pal voor het bieden van zorg aan kwetsbare inwoners en voor het veilig houden van de stad Den Haag voor iedereen”, aldus het stadsbestuur.

    Intensieve regionale samenwerking

    Daarbij stelt het stadsbestuur dat de aanpak van risicovol en verward gedrag een zaak is van de lange adem, en intensieve regionale samenwerking behoeft. Zo is mede naar aanleiding van het steekincident op 5 mei 2018 bij het Johanna Westerdijkplein meteen dat jaar vanuit het Zorg- en Veiligheidshuis Haaglanden een proefproject met zo’n intensieve aanpak gestart. Sindsdien zijn 127 mensen onderdeel van deze aanpak geweest. De resultaten zijn positief: minder overlast en meer diagnostiek inclusief passende behandelingen en hulpverlening.

    Er blijven echter zorgen over een zogenaamde ‘harde kern’ binnen deze doelgroep van EPA-patiënten. Dat zijn personen die al langdurig in de intensieve aanpak zijn opgenomen, maar waarbij psychische problemen in combinatie met zorgmijdend gedrag en/of middelengebruik (drugs, alcohol) en/of problemen op andere leefgebieden een positieve verandering in de weg blijven staan.

    Met wat sinds afgelopen zomer de ‘Intensieve Levensloopaanpak’ heet, wordt die ‘harde kern’ van EPA-patiënten nu nog intensiever begeleid en gevolgd. Deze aanpak, die in 2022 verder wordt geïntensiveerd, is belegd bij het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid Haaglanden, waarin burgemeesters, wethouders, politie, Openbaar Ministerie en GGZ-instellingen uit de regio (Fivoor, Parnassia, Rivierduinen en Delfland) bij elkaar komen om knelpunten op te lossen of landelijk op de agenda te krijgen.

    De volledige reactie van het stadsbestuur inclusief een beschrijving van de Haagse aanpak plus de beide onderzoeksrapporten van de Wmo-toezichthouder vindt u hier.

    De conclusies van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd vindt u hier.