Den Haag - Ecologische verbindingszones in de stad

Ecologische verbindingszones in de stad

Er zijn 12 ecologische verbindingszones in Den Haag. De grote Haagse groengebieden zijn op deze manier met elkaar en het buitengebied verbonden. Het groen krijgt de ruimte om zoveel mogelijk natuurlijk te groeien.

Begin 2017 besteedde de Tv-serie 'Wildernis onder water' aandacht aan 2 bijzondere Haagse projecten om de ecologische kwaliteit van het water te verbeteren. Zo wordt er kroos weggehaald in een flink aantal sloten in Den Haag om het waterleven weer terug te brengen. Ook vertelt de stadsecoloog over vismonitoring in de Haagse Beek. Bekijk de filmpjes op het YouTube-kanaal van de gemeente:

Beheer ecologische zones

Goed beheer van de ecologische verbindingszones is erg belangrijk want via de zones verplaatsen planten en dieren zich makkelijk van het ene naar het andere gebied. Deze zones worden zoveel mogelijk natuurlijk beheerd. De belangrijkste taken voor het beheer zijn:

  • bomen
  • struiken
  • ruigte
  • gras en hooiland
  • moeras

Bomen

In de zones worden bomen stapsgewijs gedund. Zo blijven er bomen van verschillende leeftijden staan. Door de gaten die in het kronendak ontstaan, krijgen struiken en kruiden dichterbij de grond extra licht. Ook groeien er hierdoor weer nieuwe bomen. Wanneer dit niet spontaan gebeurt, worden op deze open plekken nieuwe bomen geplant.

Struiken

Struiken worden niet gesnoeid. Geven de randen overlast? Dan wordt de struik gedund of verwijderd. Natuurlijke soorten worden zoveel mogelijk gespaard. Zo ontstaat er een grote variatie. Soms worden er open plekken gecreƫerd om jonge struiken te laten groeien.

Ruigten

Diverse zones worden als ruigte (wild groeiende planten) beheerd. Elke 2 jaar wordt een deel van de oppervlakte gemaaid. In de niet gemaaide delen kunnen insecten en kleine zoogdieren goed overwinteren.

Gras en hooiland

Het maaien van gras- en hooilandjes gebeurt 1 of 2 keer per jaar. Daarbij blijft een gedeelte in de winter staan, zodat ook hier overwinteringsmogelijkheden voor insecten en dieren zijn.

Moeras

In sommige ecologische verbindingszones zijn moeraszones gegraven die grenzen aan de bestaande sloten. Na het graven wordt er zo weinig mogelijk ingegrepen en gaat de natuur haar eigen gang.

Obstakels weghalen

De stad, het verkeer en mensen hebben een grote invloed op de ontwikkeling van een ecologische zone. Soms zitten ze elkaar in de weg. Een weg die een natuurgebied doorkruist, kan problemen geven voor lopende en kruipende dieren. Vaak is dat op te lossen door kleine aanpassingen, zoals:

  • Faunatunneltjes onder een weg door:
    Er liggen bijvoorbeeld tunneltjes in de Lozerlaan en Loevesteinlaan. Dieren zoals de gewone pad, egel, hermelijn, wezel en de kleine watersalamander maken hier graag gebruik van.
  • Looprichels onder bruggen:
    Kleine zoogdieren kunnen zo veilig oversteken. Bijvoorbeeld op de kruising van de Laak met de Rijswijkseweg.
  • Ecoducten:
    Dit zijn verbindingen voor dieren over drukke verkeerswegen. Er ligt bijvoorbeeld een ecoduct over de Landscheidingsweg.

Zie ook

Nota Stedelijke ecologische verbindingszones 2008 - 2018

Gepubliceerd: 8 februari 2017Laatste wijziging: 25 juli 2017