Presentatie handboek 'Waarom zijn wij Nederlander?', 19 juni 2018

Toespraak door burgemeester Pauline Krikke

Dames en heren,

De wereld is thuis in Den Haag.
Als dat ergens goed te merken is, dan zeker in het onderwijs.
De diversiteit die onze stad kenmerkt, vinden we ook daar terug.
De school is als het ware de samenleving in het klein.
Sterker nog: op school zitten soms mensen bij elkaar in de klas die elkaar daarbuiten
misschien niet snel zouden ontmoeten.
Dat is natuurlijk een goede zaak.
We zien graag dat jonge mensen zich ontwikkelen en hun blik verruimen.
Persoonlijke ontmoetingen spelen daarin een belangrijke rol.
Juist het contact van mens tot mens kan vooroordelen wegnemen
en wederzijds begrip en respect voeden.
Tegelijkertijd brengt de diverse samenstelling van onze schoolklassen
voor docenten vaak grote uitdagingen met zich mee.
Want juist in de microsamenleving die de schoolklas is,
kunnen verschillende wereldbeelden in alle hevigheid op elkaar botsen.
In een vormende fase van hun leven worden leerlingen op school
geconfronteerd met zaken die soms haaks staan op hun eigen wereldbeeld.
Een wereldbeeld dat in hoge mate kan zijn beïnvloed
door hun culturele dan wel religieuze achtergrond,
het thuisfront, hun vriendenkring.
Terwijl veel leerlingen op die leeftijd ook nog eens worstelen met hun identiteit.
Niet zelden krijgen docenten van hun leerlingen meningen te horen
die ons op zijn minst de wenkbrauwen doen fronsen.
Puberale aandachttrekkerij?
Een voorliefde om te choqueren?
Soms wel.
Maar feit is dat veel van deze jongeren opgroeien met een kijk op de wereld
die hen niet bepaald helpt bij hun ontwikkeling tot zelfbewuste,
zelfstandig denkende burgers.
Vaak dreigt juist het tegenovergestelde: een proces van afkeer van onze samenleving.

Een samenleving die juist haar kracht en aantrekkelijkheid ontleent
aan de bijzonder grote mate van vrijheid die elk individu hier bezit.
En wanneer die weg van afkeer eenmaal is ingeslagen,
neemt óók het gevaar toe dat deze jongeren ontvankelijk raken
voor radicaal gedachtengoed.
En juist daarvoor willen we hen behoeden.
We willen ervoor waken dat kwaadwillende lieden
jongeren losweken uit onze samenleving
en ze vervreemden van de principes van onze democratische rechtstaat.
Een paar jaar geleden zijn we in Den Haag daarom begonnen
met een breed opgezet programma om radicalisering tegen te gaan.
Duidelijk was van meet af aan dat het onderwijs daarin een belangrijke rol vervult.
Daarom hebben we Samira Bouchtibi gevraagd de methodieken
Vrijheid, Identiteit en Polarisatie en Handelen In Perspectief te ontwikkelen.
Om zo docenten te helpen bij het voeren van discussies in de klas
over onderwerpen die raken aan de kern van onze Nederlandse rechtstaat.
Zoals vrijheid, democratie en de scheiding van kerk en staat.
De gelijke behandeling van elk individu,
ongeacht geslacht, seksuele oriëntering, geloof
of welke reden dan ook.

Daarbij gaat het niet alleen om het ondersteunen van docenten.
Doel van deze methodieken is uiteindelijk óók
om bij te dragen aan de maatschappelijke vorming
van schoolgaande jongeren.
Om ervoor te zorgen dat ze op school niet alleen vakkennis opdoen,
maar zich ontwikkelen tot evenwichtige burgers van dit land.
Tot zelfdenkende leden van onze maatschappij.
Die, al hebben ze heel verschillende culturele achtergronden,
trots kunnen zijn op de vrijheid en de mogelijkheden
die de grondwet hen én hun medeburgers biedt.

Zo’n constitutioneel zelfbewustzijn is uiteindelijk de allerbeste remedie
tegen de verleidingen van radicaal gedachtengoed.
Ik vind het heel fijn dat Samira Bouchtibi haar methodiek nu op schrift heeft gesteld.
Pieter van Hofwegen, Hans Metzemakers en Hassan al Ghazi
hebben het redigeren voor hun rekening genomen.
Nu kunnen ook docenten, jongerenwerkers en andere professionals
elders in het land hiermee aan de slag.
Ik ben trots op dit onderdeel
van onze Haagse aanpak van problemen rond radicalisering.
Ik heb het in praktijk mogen ervaren.
Bij zijn bezoek aan Den Haag
raakte de Secretaris Generaal van de Verenigde Naties
ervan onder de indruk.
Ik deel het dan ook graag met de rest van Nederland.

Gepubliceerd: 19 juni 2018Laatste wijziging: 31 oktober 2018