
Gepubliceerd: 13 januari 2011 Laatste wijziging: 28 februari 2012
Gemeentemuseum en Residentie Orkest presenteren bijzondere workshop Klinkende Kunst.
‘Het huis op dit schilderij is heel vrolijk, maar de mensen die er langs lopen zijn treurig. En dat heeft de muziek ook.’ Leerlingen van het Haags Montessori Lyceum bezochten afgelopen maandag de nieuwe workshop Klinkende Kunst van het Gemeentemuseum en het Residentie Orkest.
Klinkende Kunst is een bijzondere workshop. Kinderen krijgen zonder achtergrondkennis behoorlijk ‘moeilijke’ schilderijen en muziekstukken voorgeschoteld en blijken die prima te kunnen vergelijken. De klas van het HML is een kunstklas, die al veel lessen over kunst heeft gevolgd, maar door de opzet is de workshop ook een succes bij kinderen die nog nooit een viool hebben gezien. Want kijken en luisteren kan iedereen.
‘De bedoeling is dat kinderen bij een abstract schilderij niet meer vragen: wat zou dit voorstellen, maar een discussie gaan voeren over bijvoorbeeld kleur,’ zegt Andrea Freckmann, hoofd educatie van het Gemeentemuseum. ‘Mondriaan gebruikt primaire kleuren, dan ga je je afvragen: zou er in de muziek ook zoiets bestaan?’
Dat blijkt het geval. Justa de Jong van het Residentie Orkest laat horen dat haar cello 4 snaren heeft, waarmee je álle liedjes op verschillende manieren kunt spelen. Dat laat ze horen met een Kortjakje. ‘Het kan ook zo, heel romantisch. Ja, dit is superaanstellerig, jullie schamen je kapot. Ik ook, maar het kán wel!’
De muziek die het strijkkwartet vervolgens bij Mondriaans Victory Boogie Woogie speelt, is heel wat minder toegankelijk dan Kortjakje. De muziek van Webern en Ligeti zit vol piepende geluiden en plotselinge accenten. Een melodie is niet direct herkenbaar. Museumdocent Geerteke van der Kallen legt uit dat de muziek abstract is, net als het schilderij.
Ze nodigt de leerlingen uit om al luisterend zelf hun eigen schilderij ‘te leggen’ met rode, gele, blauwe en zwarte lapjes. ‘Die dikke zwarte lijnen zijn de lage tonen,’ wijst een jongen. Zijn klasgenote vult aan: ‘En we vonden het toch een beetje een raar stuk, dus hebben we in het midden dit neergelegd.’ In het midden ligt scheef een roze lapje met bloemetjes.
In de zaal met werk van Daniel Richter en Michael Raedeker krijgen de kinderen een opdracht over gevoels- en eigenwaarde. Fluitiste Eline van Esch speelt korte stukken, de leerlingen kiezen bij welk schilderij ze die vinden passen. Goede of foute antwoorden bestaan niet, een goede onderbouwing telt wel: ‘Op het schilderij sneeuwt het, en ik vind dit stuk net klinken alsof je wordt tegengehouden terwijl je heel graag de sneeuw in wilt.’ Nog eens luisterend kleuren de kinderen een portret in. Een meisje volgt met haar krijtje lijn de bewegingen in de muziek. Een jongen timmert expressionistisch met zijn krijt op het papier.
De laatste oefening is in de rococo-stijlkamer. Versieringen in het behang en de spiegels en versieringen in de fluitmuziek, dat is nog te begrijpen. Maar uit drie reproducties het echte rococoschilderij kiezen blijkt moeilijker. De leerlingen gaan voor een chic portret met veel spiegels, maar dat blijkt niet te kloppen. ‘Toch zou ik deze hier ophangen,’ zegt een leerlinge dwars. ‘Ik vind hem veel beter passen.’
Het idee voor Klinkende kunst is nieuw en uniek. Alleen het Rotterdams Philharmonisch Orkest en Museum Boymans zijn dit jaar een vergelijkbaar project begonnen. ‘We hebben Klinkende Kunst voor de zomer in de grondverf gezet en het stond ook in onze brochure, maar pas sinds een try-outmiddag in november is het hard gaan lopen,’ vertelt Petra Wolters, coördinator educatie van het Residentie Orkest. Tot dusverre hebben alleen scholen uit Den Haag en Delft zich ingeschreven, maar Klinkende Kunst staat open voor alle VO-scholen in Nederland.
Altijd op de hoogte blijven van Den Haag en de ontwikkelingen in de stad? Meld u aan voor een van de nieuwsbrieven.
Of volg ons op Twitter of Facebook!