
Gepubliceerd: 23 maart 2010 Laatste wijziging: 10 april 2012
Ypenburg is gebouwd op een locatie die duizenden jaren geleden ook al bewoond was. Hier lag rond 3800 voor Christus een duin dat ruim een meter boven de rest van het landschap uitstak. Een ideale droge plek om te verblijven.
Het duin werd vooral gebruikt tijdens jacht- en visexpedities. Mensen stookten vuurtjes en groeven kuilen voor drinkwater. Archeologen vonden in de jaren 90 van de vorige eeuw de resten van deze haarden en waterkuilen. Ook ontdekten zij dat de mensen er na een tijdje bleven wonen.
De mensen bouwden huizen op het duin dat ongeveer 1,80 meter hoog was. Ook waren akkers aangelegd om graan te verbouwen. En verder was er een grafveld om de doden te begraven. Tot ongeveer 3400 voor Christus woonden hier mensen. Soms verbleven ze op andere plekken. Maar dan kwamen ze naar het duin om te jagen en vruchten en noten te verzamelen. Na deze tijd werd het landschap steeds natter. De omgeving van het duin werd drassig en daardoor slechter begaanbaar. Dus trokken de mensen weg.
Op dat moment groeiden er veel eiken op het duin. De bomen stonden uiteindelijk in het water en kwamen in het veen terecht. Archeologen vonden veel van deze prehistorische eiken terug. Ze zijn al 5000 jaar oud, maar het hout verkeert nog in zeer goede staat.
Rond 4000 voor Christus lag de kustlijn op de plek van het huidige Ypenburg. De zee bracht zoveel zand mee dat de kust verschoof naar het westen. Zo ontstond een nieuw landschap. Want het land kwam droog te liggen en er ontstonden duinen. Deze werden door een standwal beschermd tegen de zee. Op die strandwal ligt nu het centrum van Rijswijk.
De nieuwe duinen waren een goed woongebied voor de mensen. Zoals in het huidige Wateringen en de Harnaschpolder. Maar het duin in Ypenburg bleef het grootst, namelijk 750 tot 100 meter. Toch leefden hier vermoedelijk maar 2 tot 4 gezinnen tegelijkertijd. Natuurlijk lagen de bevolkingsaantallen in die tijd erg laag.
De bewoners van het duin in Ypenburg hadden veel contact met de bewoners van andere duinen. Maar ook met mensen uit het Nederlandse rivierengebied, België en Noord-Frankrijk. Deze contacten waren goed om aan bepaalde grondstoffen te komen. Zoals goede vuursteen en git. De Ypenburgse bewoners liepen binnen een dag naar de andere duinen. En grotere afstanden werden afgelegd over water. Hiervoor gebruikten ze kano’s van boomstammen.
De neolithische bewoners van Ypenburg behoorden tot de Hazendonk-cultuur (3800 - 3400 voor Christus). Ze waren bekend met akkerbouw en veeteelt. Maar maakten vooral gebruik van wat de natuurlijke omgeving hen bood. Ze verbouwden emmertarwe en naakte gerst. Ook verzamelden ze wortels, knollen, bladgroenten en verschillende soorten fruit. Archeologen hebben resten gevonden van:
Altijd op de hoogte blijven van Den Haag en de ontwikkelingen in de stad? Meld u aan voor een van de nieuwsbrieven.
Of volg ons op Twitter of Facebook!